Heimwee naar de Langeleegte (1)

VEENDAM – De stekker ging er uit, op die bewuste 2 april 2013. SC Veendam bestond niet meer. Het verlangen naar dat avondje Langeleegte is er nog steeds. Bij veel, heel veel mensen. SC Veendam was cult. Meer cult in elk geval dan Jong Twente, Jong Ajax en Jong PSV bij elkaar. In deze rubriek herinneringen aan SC Veendam. Ofwel van Dan Romann tot Meint Pik

‘Kijk. Dát is een mooie. Vind je niet?’ Bennie Specken is één van de spelers die furore maakte op de Langeleegte. Hij scoorde ooit tegen Feyenoord. Hij vertelt er nog steeds over. Aan iedereen die het maar horen wil. Niet zelden vertelt hij je het verhaal vaker dan één keer. En altijd is het nét weer iets anders. Mooier vooral. Tegenwoordig houdt Bennie zich bezig met heel andere zaken. Konijnen. Liefst met zo lang mogelijke oren. Dat zijn de parels in Bennie’s hok. Bennie is een konijnenkenner bij uitstek. Je hoeft hem helemaal niets over de slimme en actieve beestjes te vertellen. En dus is Bennie- niemand die hem toen ie wat ouder werd ooit Ben genoemd heeft overigens- als de dood voor myxomatose en VHD. Dé gevreesde konijnenziektes. De voormalig proefvoetballer ligt elke ochtend gestrekt in het hok. Dan kijkt hij naar de ontlasting van zijn konijnen. Want: daaraan kun je zien of een dier ziek is of niet. ‘Klein en hard duidt op een verstopping. Een nat keuteltje kan wijzen op darmklachten’, weet Bennie, die ook graag vist en lang in de voetballerij actief bleef. Bennie bleef altijd Bennie. Met een eigen mening vooral. En een eigen visie. En een voorliefde voor Duitsland.
Hoewel hij nog steeds een uitstekende naam heeft in de Kanaalstreek, trainde Bennie vooral Duitse clubs. Niet van topniveau. Maar een doorsnee club als Ahlen/Steinbild, het Duitse dorpje met die mooie camping, kon altijd op Bennie rekenen. Bennie had niet de illusie de Duitsers ook maar iets bij te kunnen brengen, maar de Duitse Marken vergoedden veel, zo niet alles. Wat hij in Duitsland maandelijks opstreek, was voor elke willekeurige club in Oost Groningen niet op te brengen. Bennie was even jeugdtrainer bij Musselkanaal. Met die club had hij een soort van haat liefde verhouding. Bennie was een wijsneus, vonden veel mensen.
Bennie was klouk.
Onterecht, want Bennie wist ook gewoon alles beter, en vaak kon hij dat nog bewijzen ook. Bennie kon alles beter en nooit heeft Musselkanaal een betere jeugdtrainer gehad. Hadden ze moeten koesteren. Bennie legde bovendien aan het eind van elke training even een paar balletjes op de rand van het zestienmetergebied. Nog voor hij een aanloop nam, vertelde hij het publiek- want er kwamen mensen speciaal voor jeugdtrainer Bennie naar het voetbalveld- op de centimeter nauwkeurig waar de bal zou eindigen. En nooit ging het mis. De konijnen kunnen wat dat betreft gerust zijn. Bennie heeft het altijd bij het goede eind.
Later ging Bennie scouten. Voor Emmen. Dat deed Bennie op geheel eigen wijze. Zet tien scouts op één tribune en ze komen allemaal met dezelfde speler op de proppen. Niet Bennie. Die zag het altijd anders. En kon dat onderbouwen. Bennie lachte om het gebrek aan deskundigheid om zich heen. Lachte om de hoofdtrainer van Emmen. Had altijd een andere mening. Lang was Bennie dan ook geen scout van Emmen. Hij liet zich niet langer omringen door scouts die zich gedroegen als kuddedieren. Die pronkten met de overjarige sponsorjas van de club. Daar altijd mee aanliepen, al was het dertig graden. In de schaduw. Bovendien kregen zijn konijnen in die periode veel te weinig aandacht.
Bennie Specken was en is een bijzonder man. Tegenwoordig houdt hij konijnen. Of hij vist. Of hij is op de zaak van zoon Manfred, niet geheel toevallig commercieel heel succesvol in Duitsland. Bennie Specken was een grootheid. De konijnen kunnen zich geen betere baas wensen.
Bennie komt nooit meer op de Langeleegte.

Vincent Muskee