Armoedepact Midden-Groningen een feit: Organisaties en instellingen slaan de handen ineen in de strijd tegen armoede

MUNTENDAM – Het eerste opzetje was in februari al gegeven, maar het Armoedepact is nu echt een feit. “En dat werd ook tijd”, vindt Peter Verschuren, wethouder in Hoogezand-Sappemeer namens de SP. “De intentieverklaring van februari moet geen intentie blijven. Er moet wel gepresteerd worden en dat kan beter vroeg dan laat.” Het Armoedepact is een samenwerking tussen de organisaties en instanties die in de gemeenten Hoogezand-Sappemeer, Slochteren en Menterwolde actief zijn. Gezamenlijk gaan zij proberen de armoede in de gemeenten terug te dringen door simpelweg beter en nauwer met elkaar samen te werken.

Ruim dertig organisaties bezochten de samenkomst in Muntendam en zetten, onder het toeziend oog van de wethouders Peter Verschuren (Hoogezand-Sappemeer), Lian Veenstra (Menterwolde) en Jan Jakob Boersma (Slochteren) hun handtekening onder het pact. Daarnaast presenteerden een zestal organisaties zich aan de overige instanties. In De Menterne is dan ook een grote stap gezet richting een beter leven voor de minima in de toekomstige gemeente Midden-Groningen. En dat zijn er nogal wat. Wethouder Peter Verschuren schetst het beeld van 3900 huishoudens die in armoede leven binnen de HSSM-gemeenten. Deze huishoudens leven van een inkomen onder de 110%-grens van de bijstandsnorm. Maar liefst 1900 kinderen hebben het moeilijk in de drie gemeenten en moeten het vaak doen zonder de luxe die andere kinderen wel ten deel valt. Een schoolreisje, een nieuwe fiets of die leuke merkschoenen behoren veelal niet tot de mogelijkheden. Een grote groep kinderen dreigt in een sociaal isolement terecht te komen. “Armoede zorgt voor schaamte, ook bij kinderen”, stelt Henk. Goede doelenman Henk is aanwezig om zijn werkzaamheden uit te leggen aan de andere instanties. Namens de gemeente Hoogezand-Sappemeer adviseert hij mensen bij het aanvragen van een bijdrage uit het activiteitenfonds. Zo hebben de drie gemeenten, hetzij allen onder een andere naam, regelingen voor arme gezinnen waarmee zij toch aansprak kunnen maken op de broodnodige voorzieningen. “Stel je voor, een 10-jarige die met een Hello Kitty broodtrommel naar school moet, omdat er geen geld is voor een nieuwe. Of een 13-jarig meisje in de brugklas die geen vriendinnetjes mee naar huis durft te nemen, omdat er nog altijd een K3-dekbedovertrek op haar bed ligt. De gemeenten hebben potjes voor deze mensen, waar zij aanspraak op kunnen maken. Zo kan een gezin 500 euro aanvragen als een kind voor het eerst naar het voortgezet onderwijs gaat. Met dit geld kan dan de vereiste PC of laptop aangeschaft worden, of een nieuwe fiets.” Henk raast door in zijn enthousiasme en het is goed te zien dat bevlogen mensen betrokken zijn bij armoedebestrijding. Rebecca Albers van Stichting Toverboom uit Hoogezand hoort het aan, maar is verbaast over de beperkingen van de regels. “Niet iedereen die de voorzieningen nodig zijn, kan er gebruik van maken”, vindt Albers. Natuurlijk kan Henk daar niks aan doen, hij voert immers gewoon het beleid uit dat de gemeenten voeren. Dat doet hij meestal binnen de regeltjes, maar soms ook net ietsje daarbuiten. Een regel die nooit gebroken wordt is de ‘gouden’ 115%-regel. Wie meer in te komen heeft dan 115% van de bijstandsnorm, kan geen aanspraak maken op een bijdrage van de gemeente waarin hij of zij woonachtig is. “En dat terwijl we juist ook veel armoede zien in de laag die net ietsje meer verdiend”, vertelt Rebecca Albers. “Zij zitten net boven die 115% van de bijstandsnorm en vallen daarom net buiten alle toeslagen, bijdrages en tegemoetkomingen. Hierdoor komen zij financieel vaak minder goed uit dan gezinnen die beneden die bijstandsnorm zitten. Begrijp me niet verkeerd hoor, armoede is armoede en natuurlijk is het niet goed om beneden een bepaald inkomen te zitten. Maar wie onder de 115% van de bijstandsnorm zit, krijgt naast bijdrages vanuit de gemeente vaak ook nog een ontheffing van gemeentelijke belastingen, een zorgtoeslag, huurtoeslag en noem maar op. We hebben het hier al snel over een totaal van ruim 1.000 euro die mensen die binnen de regels vallen er per jaar bij ‘krijgen’. Wie net ietsje meer verdiend krijgt deze extraatjes niet en moeten alles zelf ophoesten. En komt zo dus slechter uit door net iets meer te verdienen. Juist in de gezinnen die net boven die 115 procent zitten zie je de schuldenlast toenemen en de welvaart afnemen.” Rebecca heeft dan ook geconstateerd dat de theoretische cijfers qua kinderen in armoede niet helemaal correct zijn. “Ja, als je puur kijkt naar de koude cijfers, dan zullen het er ongetwijfeld 1900 zijn. Ik durf echter wel te stellen dat we binnen de gemeenten Hoogezand-Sappemeer, Slochteren en Menterwolde spreken van het dubbele. Zeker 3800 kinderen leven in deze gemeenten in armoede en lopen zo afstand op tot de maatschappij. Je ziet kinderen vaak in een neerwaartse spiraal terecht komen. Wie opgroeit in armoede, krijgt minder kansen op goed onderwijs, heeft minder kansen op een goedbetaalde baan en blijft dus hangen in armoede.” Constateren is één, er daadwerkelijk wat aan doen is iets anders. Precies zoals wethouder Verschuren van Hoogezand aangaf in zijn welkomstspeech in De Menterne: “Laat het niet bij een intentie blijven.”

Daarom heeft Rebecca Albers Stichting De Toverboom in het leven geroepen. De stichting heeft als doel het bevorderen en stimuleren van de ontwikkeling, alsook het aan gaan van sociaal contact voor kinderen, jongeren, en jongvolwassenen, met een grote afstand tot de maatschappij om welke reden dan ook. “Veel van deze kinderen hebben thuis ook te maken met een financiële achterstand”, aldus Rebecca. “Daar is een hoop winst te behalen. Daarom organiseren wij nu eerst met de jongsten leuke middagen, waarbij we ook kinderen uit andere, draagkrachtigere gezinnen uitnodigen. Je moet de maatschappij immers wel naar hun toe brengen.” Na het opzetten van de speel- en leermiddagen voor de jongste kinderen wil de bevlogen jeugdwerkster ook een groep opzetten voor jong volwassenen. “Dat is hard nodig”, weet ze. “Het aantal gezinnen in Hoogezand dat onder jeugdzorg valt is schrikbarend hoog. Daar moeten we aan werken. Met z’n allen, daarom is het Armoedepact ook een goed ding, al zullen overheden en gemeenten eens een keer ‘out-of-the-box’ moeten gaan denken om het probleem serieus aan te pakken. Een voorbeeldje daarvan? Wanneer een kind uit huis wordt geplaatst is er 15.000 euro per jaar beschikbaar voor de gecertificeerde instelling die het kind opvangt. Komt het kind in een pleeggezin terecht, dan krijgt dat gezin 500 euro per maand en dat loopt op naarmate het kind ouder wordt. Dat is best veel. Moet je je voorstellen dat je per kind iedere maand 500 euro investeert in hun zorg en onderhoud. Dat houden veel draagkrachtige gezinnen niet eens vol. Er is dus wel geld beschikbaar als het ergens mis gaat. Maar als dat geld nu eens wordt aangewend om niet de rotzooi achteraf op te ruimen, maar om zulke nare toestanden te voorkomen. Zorgen dat je misstanden vroegtijdig signaleert en daar adequaat op reageert. Zeker als het gaat om armoede. Niet ingrijpen wanneer de deurwaarders al op de stoep staan en er gedreigd wordt met een uitzetting, maar al hulp bieden wanneer de eerste paar duizend euro al niet meer betaald kunnen worden en de toekomst niet veel betere tijden belooft.” Rebecca Albers is op een missie. In Hoogezand. En straks ook in Sappemeer en misschien na de fusie van de drie gemeenten wel in heel Midden-Groningen. “Je bent in dit vak nooit tevreden”, stelt ze. En dat moet ook niet. Zolang als armoede bestaat en kinderen daarvan de dupe zijn, is het goed dat er betrokken mensen zijn die zich het lot van de minder gefortuneerden aantrekken. Dat deze mensen samenwerken middels het Armoedepact is een goed ding. Het Armoedepact, een helaas noodzakelijk initiatief om gezinnen een betere toekomst te kunnen geven. Maar daarvoor moet er nog wel het één en ander veranderd worden, vindt Rebecca. “We moeten de keiharde cijfers, zoals de bijstandsnorm loslaten en starten met het bieden van maatwerk. Alleen op die manier kunnen we ook de armoede in de laag boven de bijstand aanpakken.” En gelet op de cijfers is dat ook hard nodig.