Basketbalfan Berend Hoekstra haalt zijn Donar naar Leek

‘Wij verheugen ons erg op deze enorme ‘operatie’

LEEK – Burgemeester Berend Hoekstra is erin geslaagd om Europees basketbal naar Leek te brengen. Omdat de Martiniplaza niet beschikbaar is op 18 oktober. Als Hoekstra eenmaal over basketbal begint, ga er dan maar even voor zitten. Dat doen we op de plek waar Donar probeert furore te maken, Topsporthal Leek, dat nu al als reserve-locatie van Donar genoemd mag worden.

De passie voor basketbal van de Leekster burgervader stamt uit de middelbare schooltijd. Bij Celeritas. “De gymleraar was heel fanatiek. Dat ik ging basketballen, daarover zeiden mensen: het is geen wonder gezien zijn lengte. Maar het grappige was dat ik op de HBS de kleinste was. In een jaar tijd ben ik enorm gegroeid. Het heeft niets met lengte te maken. Voor mijn eindexamen gaf ik training. Ik wilde aanvankelijk dierenarts worden, mede doordat mijn ouders een boerderij hadden. Maar ik werd uitgeloot voor de studie. Wat nu? Ik ben in het onderwijs terecht gekomen en later burgemeester”. Hoekstra bekleedde tal van functies in de basketbalwereld: scheidsrechter, 10 jaar voorzitter Celeritas, 9 jaar voorzitter Regio Noord van de basketbalbond, 1,5 jaar interim-voorzitter landelijke bond en in 1982 algemeen manager van Donar. “Ik was er trots op dat dit het eerste jaar was dat Donar Nederlands kampioen werd. Maarten van Gent was de coach. Zelf had ik landelijk – de klasse onder de eredivisie- kunnen spelen bij Celeritas. Ik was trainer, scheidsrechter en voorzitter, ik moest kiezen. Het betekende geen landelijke doorbraak voor mij”. We zijn in Leek, dat vreemd genoeg geen basketbalclub kent. “VEV had vroeger een basketbalafdeling. Tegenwoordig heb je alleen Flying Red in Roden, dat in Leek traint”. Donar is dé basketbalstad. Buiten de stad is er weinig. “Clubs uit de provincie hebben als handicap dat kinderen die in Groningen gaan studeren, gemakkelijker kiezen voor een studentenvereniging als Groene Uilen. Dat is goedkoper dan spelen bij een reguliere vereniging. Daarnaast is basketbal een vrij intensieve sport. Je hebt drie scheidsrechters en drie man achter de tafel nodig. Dat zijn net zoveel mensen als in het veld staan. Het vraagt veel kader. Daarom is de sport niet echt doorgebroken in de provincie. Aan de andere kant: 10 procent van de leden komt uit de noordelijke provincies. Extra handicap is dat ze ver moeten reizen. Zelfs de jongste jeugd moet al uitwedstrijden spelen in de drie noordelijke provincies. Er is ook geen drang voor een nieuwe vereniging in Leek. Eén club voor een groter gebied is niet verkeerd. Twee aparte clubs betekent ook twee keer zoveel bestuurskaders. Als ze in Leek en Roden kunnen trainen is het prima.”

Glorietijden

Donar dan. Hoekstra heeft voor de gelegenheid zijn blauwe clubsjaal mee. Het zijn glorietijden voor de stadse club. “Van oorsprong komt Donar uit de studentenwereld”, weet Hoekstra. “Het is momenteel een stabiele club, is niet afhankelijk van één hoofdsponsor. Er zijn meerdere sponsoren. Uniek is de grote belangstelling; gemiddeld trekt Donar drieduizend toeschouwers. Niet alleen elke zaalclub, maar ook veldclub, is jaloers op dit aantal. Bijzonder: het is een cultclub geworden. Doorgaans staat er elk jaar een nieuw team. Veel spelers spelen zich bij Donar in de kijker en vertrekken dan naar Zuid-Europa, waar spelers veel meer kunnen verdienen. De sterkte is dat het geraamte nu intact is gebleven. Het klopt dat Donar ook voetbalsupporters heeft. Dat had je vroeger ook, toen ze kozen voor de drie:  voetbal, basketbal en ijshockey van GIJS. De sfeer is er niet negatiever door geworden, integendeel. Bij voetbal mag je geen drank meenemen naar de tribune. De FIBA (tegenhanger FIFA) laat dit wel toe. Het komt uit de Amerikaanse cultuur, van met het hele gezin een gezellige avond beleven. Wel achter de club staan, maar geen excessen. Toen onze kinderen voor de laatste keer mee waren op vakantie zijn we naar Amerika geweest, het walhalla van basketbal ja. Onze zoon en dochter basketbalden ook en wilden naar de L.A. Lakers en daar was een fanshop. Maar die bleek die dag gesloten. Omdat we een rondreis maakten en weer terugkwamen in Los  Angeles zeiden we: op de terugweg gaan we er weer heen. Bleek de shop weer dicht. Mijn dochter zei toen: “ik ga niet eerder weg tot de deur open is”. Maar ja, het vliegtuig wacht niet. Toen heeft mijn vrouw een suppoost gesmeekt, en verteld dat we helemaal uit Holland kwamen. Die suppoost regelde dit even voor de familie Hoekstra. De hele winkel is leeggekocht. Ik heb zelf nooit een NBA-wedstrijd gezien. Ik ben wel voor Donar naar Litouwen geweest. Maar Estudiantes Madrid weer niet. De Madrilenen keken hun ogen uit. Ze zijn gewend om voor vijftienduizend mensen te spelen. In het Kalverdijkje zaten 1200 man. Ze hadden het idee: dat doen we wel even. Maar thuis konden ze het ook niet afmaken. Donar doet mee op Europees niveau. Jammer dat de Champions League niet gehaald is, aan de andere kant is de kans groter om in de Euro Cup verder te komen. Vorig jaar bereikte Donar de tweede ronde. Ik volg alles op de voet”. En Hoekstra is nu bezig met de voorbereiding op de Europese strijd, waarvan de tegenstander nog niet bekend is. Parma Basket is de een. Dat team komt niet uit het Italiaanse Parma, maar Rusland, tegen het Oeral-gebergte, heeft Hoekstra alvast uitgeplozen. Het is een grote industriestad die ook tanks levert.  Of het wordt het Franse Le Portel. Dat is een kleine kunstplaats. Spelen tegen die beresterke Russen is interessant, zijn veel fysieker dan de westerlingen. Die coach van Litouwen ging ook tekeer. Er zouden bij ons geen spelers meer in het veld staan. Le Portel is natuurlijk interessanter voor de supporters.

Voor de Europese strijd zal de Topsporthal verbouwd moeten worden. Er komen twee aparte tribunes. Donar neemt zijn eigen baskets mee, omdat die van Leek niet aan de internationale normen voldoen. De arm van de basket moet langer. Ook neemt Donar de vloer en scorebord mee. Een hele operatie. We zijn reserve-locatie voor Martininplaza. Leeuwarden was geen optie, want een sporthal moet minimaal een capaciteit hebben van drieduizend. Eerste optie was Almere. Leek kreeg de voorkeur van de FIBA.  Een van de eisen zijn acht cameraposities.  We overwegen een pendelbus in te zetten voor de supporters.  We verheugen ons er erg op. Donar neemt ook haar reclameboarding mee. De wedstrijdsponsor is een lokale meubelspuiter, mooi toch?”